Hero imageMobile Hero image

October 13, 2026

Digitale soevereiniteit is voor veel organisaties geen theoretisch vraagstuk meer, maar een praktisch dilemma. Zodra de wens ontstaat om minder afhankelijk te worden van bestaande platformen, komt vrijwel direct de vraag naar voren: wat betekent dat concreet voor ons IT-landschap? 

Het antwoord blijkt zelden zwart-wit. Organisaties die werken aan digitale soevereiniteit kiezen niet voor één oplossing, maar bewegen tussen verschillende scenario’s. Elk met een eigen balans tussen autonomie, risico en impact. 

Waarom digitale soevereiniteit leidt tot strategische keuzes in IT-landschappen

De behoefte aan digitale soevereiniteit komt vaak voort uit dezelfde onderliggende spanning: organisaties willen meer controle, maar hebben tegelijkertijd een IT-landschap opgebouwd met veel afhankelijkheden. 

Die afhankelijkheid is zichtbaar in de dominantie van een beperkt aantal leveranciers. In Europa wordt naar schatting meer dan 70 procent van de cloudmarkt beheerst door enkele grote hyperscalers, die veel waardevolle services aanbieden. Dat maakt het lastig om alternatieven te overwegen zonder impact op bestaande processen en integraties. 

De behoefte aan digitale soevereiniteit dwingt organisaties daarom om expliciet na te denken over hun IT-landschap. Niet alleen over hoe het vandaag werkt, maar ook over hoe er morgen (in de toekomst) flexibel en snel kan worden overgeschakeld naar een alternatief als daar aanleiding toe is.

Het scenario van volledige vervanging 

Een eerste reactie die vaak ontstaat, is het idee om bestaande systemen volledig te vervangen. Vanuit soevereiniteit lijkt dat logisch. Minder afhankelijkheid betekent immers meer autonomie. 

In de praktijk blijkt dit scenario complex. Veel organisaties hebben hun processen diep geïntegreerd met bestaande platformen. Functionaliteit, gebruikerservaring en integraties zijn afgestemd op één ecosysteem. Een volledige vervanging raakt daarmee niet alleen de technologie, maar ook de manier van werken. 

Bovendien speelt het vraagstuk van volwassenheid. Alternatieve oplossingen bestaan, maar bieden niet altijd direct hetzelfde niveau van integratie of gebruiksgemak. Daardoor ontstaat er vaak weerstand, zowel technisch als organisatorisch. Het gevolg is dat volledige vervanging zelden de eerste stap is, maar eerder een langetermijnrichting. 

Het hybride IT-landschap als realistisch model 

Wat in de praktijk steeds vaker ontstaat, is een hybride model. Organisaties behouden hun bestaande omgeving, maar voegen alternatieven toe waar dat strategisch relevant is. 

Die aanpak maakt het mogelijk om autonomie gericht op te bouwen, zonder direct grote risico’s te nemen. Het betekent bijvoorbeeld dat gevoelige data of kritische processen anders worden ingericht, terwijl minder kritische functionaliteiten blijven draaien op bestaande platformen. 

Dit sluit ook aan bij wat er breder in de markt gebeurt. Europese initiatieven rondom digitale soevereiniteit sturen nadrukkelijk op een combinatie van oplossingen in plaats van een volledige vervanging van bestaande infrastructuren. Het idee dat één platform alles oplost, maakt langzaam plaats voor een meer gedifferentieerde aanpak. 

In zo’n model ontstaat ruimte om te leren en te sturen. Organisaties kunnen testen wat wel en niet werkt, zonder de continuïteit van hun IT-landschap in gevaar te brengen en zonder extreem hoge investeringen. 

Autonomie via een fallback-scenario 

Een derde scenario dat door meerdere organisaties wordt onderzocht, is het ontwikkelen van een fallback-omgeving. In plaats van direct te migreren, bouwen organisaties een alternatief dat alleen wordt ingezet wanneer dat nodig is. Dit scenario richt zich niet op vervanging, maar op risicobeheersing. Het maakt het mogelijk om kritische processen onafhankelijk beschikbaar te houden, ook wanneer een bestaande leverancier uitvalt of verandert. 

In de praktijk zie je dat organisaties dit toepassen bij bijvoorbeeld documentmanagement, communicatie of data-opslag. Door een parallelle omgeving te ontwikkelen, ontstaat er een vorm van autonomie die direct bijdraagt aan risicoreductie. Het interessante aan dit model is dat het de discussie over digitale soevereiniteit verandert. Het gaat niet langer alleen over waar je naartoe wilt, maar juist over hoe je risico’s vandaag al kunt beperken. 

Hoe organisaties deze scenario’s in de praktijk toetsen 

De keuze tussen deze scenario’s wordt zelden op papier gemaakt. Organisaties willen eerst zien wat werkt in hun eigen context. Daarom starten veel organisaties met een proof of concept. In zo’n traject wordt een alternatieve oplossing getest in een realistische setting, vaak met een beperkte gebruikersgroep en concrete use cases. Denk aan samenwerken, documentbeheer of communicatie. 

Die aanpak maakt het mogelijk om technische haalbaarheid, gebruikservaring en impact op processen naast elkaar te beoordelen. Niet op basis van aannames, maar op basis van praktijkervaring. Juist dit soort trajecten maakt digitale soevereiniteit concreet en draagt eraan bij dat relevante disciplines binnen de organisatie worden betrokken. Het verandert het gesprek van strategie naar uitvoering en maakt zichtbaar of de oplossing ook daadwerkelijk bijdraagt aan risicoreductie of andere afhankelijkheden in de keten zichtbaar maakt. 

Wat digitale soevereiniteit betekent voor organisaties 

Een belangrijke conclusie is dat er geen standaardoplossingen bestaan. Wat voor de ene organisatie werkt, hoeft niet voor de andere organisatie te werken. Of wat voor de ene organisatie een positieve businesscase oplevert, is voor de andere organisatie financieel niet haalbaar. Digitale soevereiniteit draait uiteindelijk om het maken van bewuste keuzes. Welke afhankelijkheden accepteer je, waar wil je autonomie versterken en hoe snel wil je bewegen? 

Organisaties die hier succesvol mee omgaan, zien digitale soevereiniteit niet als een doel op zich, maar als een manier om hun IT-landschap en bovenal de gehele organisatie wendbaarder en beter beheersbaar te maken. Niet door alles te veranderen, maar door gericht keuzes te maken. 

Meer weten?

Benieuwd welke scenario’s voor jouw organisatie optioneel en haalbaar zijn? Met het Sogeti Soevereiniteitskompas krijg je inzicht in je huidige IT-landschap, afhankelijkheden en de vervolgstappen richting meer autonomie. 

Johan  Flikweert

Johan Flikweert

Principal Cloud Consultant

Download whitepaper

In dit whitepaper – door Johan Flikweert – lees je hoe applicatiemodernisatie en Gen AI organisaties helpen om de regie over data en IT terug te krijgen. Ontdek waarom legacy-systemen innovatie en veiligheid belemmeren, en hoe je stap voor stap toewerkt naar meer digitale soevereiniteit, flexibiliteit en controle binnen je organisatie.

Digitale Soevereiniteit

Soevereiniteitskompas

Wil je inzicht in waar jouw organisatie staat op het gebied van digitale soevereiniteit en autonomie? Met het Sogeti Soevereiniteitskompas krijg je op operationeel en tactisch niveau inzicht in afhankelijkheden, risico’s en concrete vervolgstappen richting digitale soevereiniteit (autonomie).

Aanvragen
soevereiniteit-assessement-sogeti